Blog

Komische momenten zorgen voor vaart en ritme bij Mike Kwadraat

Pianisten Mike Boddé en Mike del Ferro delen een voorliefde voor improvisatie. Hun interactie is aantrekkelijk, maar in de presentatie kan de voorstelling nog groeien.

„Je komt het podium op, je ziet zo’n ‘grote dikke Steinway’ staan, met 88 toetsen – dan komt onvermijdelijk het moment waarop je denkt: welke ga ik indrukken, en welke niet?”

Aldus Mike Boddé, bekend als huispianist van tv-programma Podium Witteman. Samen met Mike del Ferro vormt Boddé sinds 2015 het pianoduo Mike Kwadraat. Vrijdag presenteerden ze in Eindhoven hun gelijknamige cd, die het startschot vormt van een landelijke theatertournee.

Foto Eric van Nieuwland

 

Ex-cabaretier Boddé maakte nog wel een paar grappen, maar de avond stond nadrukkelijk in het teken van de muziek. Geïmproviseerde muziek, om precies te zijn. Maar hoe je dat, improviseren? Welke toets wel en welke toets niet? Het concert ontvouwde zich als een soort handboek methoden en technieken: je kunt afspreken om alleen de zwarte toetsen te gebruiken, of alleen de witte, of alleen de noten van de octotonische toonladder, of je neemt een jazzy bluesschema, of je begint een prelude van Chopin te spelen en fantaseert daar ter plekke een melodielijn bij.

De interactie tussen de Mikes is een van de attracties van Mike Kwadraat. Ze voelen elkaar goed aan, reageren scherp en hebben duidelijk een overlappende smaak. Del Ferro is degene met de grootste harmonische en melodische inventiviteit en een funky gevoel voor groove. Boddé denkt iets meer in patronen, hoewel hij juist ook met dwarse ideetjes op de proppen komt – een carnavalskraker, de Radetzkymars.

In de presentatie kan de voorstelling nog groeien. Hoewel Mike Kwadraat draait om de muziek, creëerden vooral de komische momenten vaart en ritme – bijvoorbeeld wanneer Boddé uitlegde wat een octotonische toonladder is, of tijdens het spelen akkoordennamen meebrulde (‘G halfverminderd! C7sus4!’). Ook de groteske scat-solo’s die Del Ferro uit zijn synth toverde zorgden voor hilariteit.

Niettemin was het hoogtepunt zuiver muzikaal: Del Ferro diepte een onbekend pareltje van Jobim op, waarvan hij de melancholische melodie met verfijnd spel tot leven wekte.

Bron: NRC Handelsblad